De Nationale DenkTank 2017

Iedereen perspectief op werk

Stichting De Nationale DenkTank gelooft in de frisse blik van jonge denkers. Met een onafhankelijke blik, gedegen analyses en innovatieve ideeën wil zij de Nederlandse maatschappij vooruit helpen. Daartoe organiseert de Stichting jaarlijks een Nationale DenkTank waarin 20 tot 25 masterstudenten en promovendi, samen met expertdeelnemers uit het veld, gedurende vier maanden hun tanden zetten in een maatschappelijke uitdaging. Zij analyseren de grootste knelpunten en bedenken hier vervolgens oplossingen voor. Bovendien zoeken zij partijen die deze oplossingen ook in praktijk brengen om zo Nederland concreet vooruit te helpen. De onderzoeksvraag voor de Nationale DenkTank 2017 is:

‘Hoe zorgen we ervoor dat in Nederland in 2025 iedereen perspectief heeft op werk?’

 

 

Werk geeft niet alleen een inkomen, maar is ook belangrijk voor het betekenis geven aan het leven en betrokkenheid bij de maatschappij. Bij Nederland hoort een inclusieve arbeidsmarkt waar iedereen aan mee kan doen. Ook als je maar beperkt inzetbaar bent, een vak hebt gekozen dat verdwijnt of met een flexbaan ook gebruik wilt kunnen maken van sociale zekerheden.

We streven met elkaar naar een arbeidsmarkt die ondernemend is, waar talent benut wordt en waar samen en vanuit vertrouwen wordt gewerkt aan het beter maken van Nederland. Waar iedereen perspectief heeft op werk. Dat is in het belang van de samenleving als geheel.

‘Wij werken aan een inclusieve arbeidsmarkt voor Nederland’

De Nationale DenkTank doet onafhankelijk onderzoek en spreekt in korte tijd honderden experts, wetenschappers, jongeren, beleidsmakers, werkgevers, werknemers, zzp-ers en ondernemers. De Nationale DenkTank wordt gestimuleerd om buiten de kaders te denken en komt met originele ideeën en praktische oplossingen.

Deelnemers van de Nationale DenkTank zijn excellente studenten en promovendi vanuit alle studierichtingen. Dankzij hun leeftijd hebben zij een onbevangen perspectief. Ook hebben zij een verfrissende kijk, omdat ze nog niet gebonden zijn aan belangen, bijvoorbeeld vanuit een werkgever. Daarnaast wordt een enthousiaste DenkTank-expertgroep geformeerd, die ervaring heeft met betrekking tot de uitdagingen van de arbeidsmarkt. Zij fungeren als klankbord en sparringpartner voor de deelnemers van de Nationale DenkTank.

Het project bestaat uit een analysefase, oplossingsfase en implementatiefase. In de analysefase worden de grootste knelpunten onderzocht waarvoor in de oplossingsfase concrete en uitvoerbare oplossingen en ideeën worden geformuleerd. Ten slotte start de implementatiefase, waarin DenkTankers en partners oplossingen in de praktijk brengen. Tegelijk bouwt de Nationale DenkTank aan een netwerk van alumni en partners die blijvend met elkaar samenwerken aan maatschappelijke vooruitgang.

Talent en meer diversiteit voorop: Start analysefase

Inclusieve arbeidsmarkt

Hoe verbeteren we het perspectief op passend werk voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, zoals jongeren met een chronische aandoening?

Toetreding tot de markt

Hoe verbeteren we het perspectief op werk voor mensen die belemmeringen ondervinden in het (voor het eerst) toetreden op de arbeidsmarkt, zoals statushouders en jongeren met een migranten-achtergrond?

Flexwerk

Hoe verbeteren we het perspectief op werk voor mensen met een flexibele baan, zoals praktisch geschoolde flexwerkers?

Toenemende automatisering

Hoe verbeteren we het perspectief op werk voor mensen wiens baan verdwijnt door robotisering of automatisering, zoals (oudere) administratief medewerkers?

De Nationale DenkTank 2017 werkt in vier teams met vier onderzoeksvragen. Ieder team krijgt een ‘profiel’ mee; een type werknemer/werkzoekende die exemplarisch is voor grotere vraagstukken die hierachter liggen. Twee deelvragen hebben betrekking op het toetreden tot de arbeidsmarkt en twee deelvragen hebben betrekking op duurzame inzetbaarheid van mensen.

1.Inclusieve arbeidsmarkt: jongeren met een chronische aandoening

Bij het Nederland van morgen hoort een inclusieve arbeidsmarkt waar iedereen aan mee kan doen. Op dit moment doet echter nog lang niet iedereen mee. Er zijn een aantal groepen die het lastiger op de arbeidsmarkt hebben dan andere. Ondanks de verschillende bestaande regelingen en vaak goede wil van werkgevers komen bijvoorbeeld jongeren met een chronische aandoening beduidend moeilijker aan een (passende) baan.

2. Toetreding tot de markt: statushouders of jongeren met een migranten achtergrond

Als je voor het eerst de arbeidsmarkt betreedt en direct geconfronteerd wordt met belemmeringen die je zelf niet makkelijk op kunt lossen, sta je al met één – nul achter en wordt de kans om heel lang werkloos te zijn steeds groter. Statushouders, bijvoorbeeld, hebben veel moeite om een baan in Nederland te vinden. Een baan die hun talenten, werkervaring en opleidingsniveau optimaal benut lijkt onbereikbaar. Maar ook jongeren met een migranten-achtergrond ervaren grote belemmeringen; ze kampen met een negatief imago en kunnen daarom geen geschikte stages vinden. Hierdoor kunnen ze hun opleiding niet afronden en staan zonder startkwalificatie aan de poort van de arbeidsmarkt.

3. Flexwerk: praktisch geschoolde / laagbetaalde mensen met een flexibele baan

We werken tegenwoordig langer door, in meer verschillende banen. De afgelopen tien jaar is het aantal flexwerkers substantieel toegenomen (van 27% naar 38%). Sociale zekerheden zijn verbonden aan (vaste) contracten en uitkeringen, en groeien onvoldoende mee om tegemoet te komen aan deze veranderende arbeidsmarkt. Bijvoorbeeld praktisch geschoolde mensen, zoals stukadoors, beveiligers of schoonmakers, met tijdelijke- of flexcontracten, hebben onvoldoende stabiliteit in werk en inkomen, waardoor er op andere vlakken maatschappelijke ondersteuning nodig is, alsook aandacht voor ‘draaideur-flex’.

4. Toenemende automatisering:  medewerkers  wiens baan verdwijnt door automatisering

Automatisering, digitalisering en robotisering zorgen ervoor dat banen veranderen en zelfs verdwijnen. Rechtbanken, verzekeraars, de belastingdienst en banken kampen met grote reorganisaties en proberen hun medewerkers naar ander werk te begeleiden – al dan niet in de eigen organisatie. Werkgevers vragen om een dynamische en open arbeidsmarkt, maar tegelijkertijd zitten mensen veelal lang in dezelfde baan, zijn er cruciale knelpunten in wet- en regelgeving, cao’s en sector gebonden opleidingsbudgetten die constructieve mobiliteit (‘van werk naar werk’) belemmeren.